Islamitische (Culturele) Jongens Namen

0

10301070_10202178840688498_1233373196763585433_n

 

Je naam kan je identiteit bepalen en kinderen hebben recht op twee zaken bij hun ouders.
1. Een fatsoenlijke opvoeding
2. En een goede naam.

Ben jij ook nieuwsgierig naar de betekenis van je naam?

 

Alle jongens namen zijn gesorteerd op een alfabetisch volgorde, kies hieronder uw gewenste letter.

Letter -A-

01 Azam: Helper, assistent.

02 Aaqil: Wijs, intelligent.

03 Aabid:Aanbidder, toegewijde, vrome.

04 Adam: Naam van de eerste mens en profeet op aarde, vader van de mensheid. De letterlijke betekenis is mens.

05 Aadil: Rechtvaardig

06 Aalam: Heerser, koning, de hele wereld.

07 Aalee/Aaly: Subliem, hoog.

08 Alim: Geleerde.

09 Aamil: Doener, werk man, arbeider.

10 Aamir: Iemand die bewoont, iemand die Umrah verricht, naam van een metgezel.

11 Aaqaa: Meester

12 Aaqib: Volgeling.

13 Aarif: Een geleerde man, goed geïnformeerd persoon.

14 Aariz: Respectabele man, intelligent.

15 Atiq: Edele.

16 Aashif: Gedurfde, moedige.

17 Aashir: Leven.

18 Aasif: Een bekwaam minister, naam van een countier in het koninkrijk van profeet Sulaimaan die werd geregistreerd voor zijn intelligentie. Deze naam wordt gebruikt in combinatie met Ali en Ahmad, zoals Asif Ali / Ahmad.

19 Aasim: Kuis, beschermde, veilige, naam van een grote geleerde in tajweed, tevens de leerling van Ali ibn Abu Taleb (a).

20 Aryan: Melodie.

21 Aaus: Naam van een boom.

22 Aayan: Gods geschenk.

23 Azaad: Vrij.

24 Aazim: Vastbesloten.

25 Abbas : Beschrijving van een leeuw, sombere blik, leeuw, stengel.(Naam van een oom van de Profeet Mohammad (s) en de Naam van de zoon van Ali ibn Abu Taleb (a).

26 Abdullah/Abdallah: Dienaar van Allah.

27 Abd: Dienaar.

28 Aziz: Krachtig (een van de 99 Allah’s namen).

29 Abedin: Aanbidder (een van de bijnamen van imam Ali al Sajjad, ook wel bekend als imam Zayn al Abedeen de 4e generatie van de heilige profeet Mohammad(s).

30 Ayoub/Ayub/Ayoeb/Ayoob: Een van de 124000 profeten, waarvan de naam ook in de heilige Koran voor komt.

31 Abu: Vader

32 Abubakr: Oud Arabisch naam, een jong kameel  die Bakr heet.

33 Abu Hurrairah: Vader van kleine katjes (was overigens een van de zoveel overleveraars in de tijd van de profeet(s).

34 Abu Taleb: Vader van Taleb (De naam van de oom van profeet Mohammad(s) en de vader van imam Ali(a).

35 Abuturaab: Vader van aarde.

36 Abraar: Vrome mensen, heiligen.

37 Adil: Rechtvaardig.

38 Abyad: Overleveraar.

39 Adeeb: Gespecialiseerde in taal

40 Adeem: Zeldzaam.

41 Aasaf: Duidelijk.

42 Adnan: Plezier, een goede naam, (Naam van een profeet).

43 Aduz: Slaaf van het manifest.

44 Adyan: Naam van een profeet.

45 Afaaq: De plek waar hemel en aarde elkaar ontmoeten.

46 Afdhaal: Uitblinker, prominent, meervoud van Fadhl, vriendelijkheid, gunsten, deugd.

47 Abba: Geboren op donderdag.

48 Afsar: Officier, Beter.

49 Aftaab: Zon.

50 Afzal: Beste, uitstekende.

51 Ahmad/Ahmed: Lovenswaardig,  geprezen, iemand die altijd aan Allah denkt (een van de Namen van Profeet Mohammad).

52 Ahmar: Onsterfelijk, roodgekleurde.

53 Ahyad: Een geschenk van God.

54 Ahzab: Bondgenoten, naam van een hoofdstuk in de heilige Koran.

55 Aydeen/Aideen: Klein vuurtje.

56 Aimal: Hoop.

57 Aiman: Van harte gefeliciteerd.

58 Ajmal: Mooi.

59 Akbar: Grootst.

60 Akhlaaq: Goede manieren.

61 Akhtar: Naam van een ster, een goede man.

62 Aqil: Intelligent.

63 Akram: Grootmoedigste, meest barmhartig, welwillend.

64 Ala/Alaa: Superieur.

65 Ali/ Aly: De beste, is overigens een van de 99 namen van Allah, tevens de naam van de eerste opvolger en  neef van de heilige profeet. Hij stond bekend als Ali ibn Abu Taleb.

66 Amaan: Vrede.

67 Amaanat: Veiligheid.

68 Amaar: Iemand die 5 keer per dag bidt en aan vasten doet. (Was overigens ook een van de trouwe metgezellen van profeet Mohammad en imam Ali).

69 Amir/Ameer: Prins (Is ook een van de bijnamen van Ali ibn Abu Taleb).

70 Amer: Rijk.

71 Amin: Vertrouwenswaardig.

72 Amjad: Meest glorieuze, meest nobele, een met grandeur (was een van de bijnamen van profeet Mohammad).

73 Amr: Oud Arabisch naam.

74 Anas: Vriend, was een van de overleveraars in de tijd van profeet Mohammad(s).

75 Anjam: Sterren.

76 Anwar/anwaar: Licht gloed, glans, lichtstralen.

77 Aqdas: Heilig, zuiver.

78 Areez: Vriend.

79 Armaan: Hoop.

80 Arqam: Schrijver.

81 Arshaq: Knap.

82 Arslan: Leeuw.

83 Assad: Leeuw (was een van de bijnamen van Ali ibn Abu Taleb(a), bekend als Assad’Allah, oftewel leeuw van Allah).

84 Asadel: Succesvol.

85 Asghar: Jonger, kleiner.

86 Ashraf: Edelste.

87 Aslam:Veiliger, Vrede.

88 Aswad: Zwart.

89 Atif: Verenigd.

90 Ayaaz: Slaaf.

91 Ayan:Geluk.

92 Azraq: Blauw.

93 Azaan/Adhan: Oproep tot het gebed.

94 Alamdar: Vlagdrager.

95 Abbud: Aanbidder van Allah.

96 Atik: De zwarte kleed op Kaba.

97 Abdul: Dienaar van Allah.

98 Athar: Schoon.

99 Ateeb: Zeer vrome.

100 Ashfaq: Vriend.

Letter -B-

101 Baabar: Koning van jungle.

102 Baahir/bahir: Briliant.

103 Baqee/Baqi profeet Mohammad(s): De eeuwige, naam van een bekend begraafplaats in Medina, vlakbij de tombe van de profeet Mohammed (s).

104 Baqir: Geleerde, een zeer rijk man(de titel van imam Mohammad Al Baqi(a), de 5e generatie van profeet Mohammad(s).

105 Basim/Baasim/ Baasem/Basem: Glimlach.

106 Badr/Badar: Volle maan, zo heet ook de eerste slag tussen moslims en ongelovigen. Deze slag werd door de moslims gewonnen.

107 Baghel: Os.

108 Baha: Mooi, waarde.

109 Baligh:Levendige, welsprekende.

110 Bahjat:Geluk, pracht.

111 Bahlol: Leider.

112 Bakhit: Een gelukkig persoon.

113 Bakhtiar: Gelukkig.

114 Bakor: Kameel.

115 Bakr: Jong kameel.

116 Baleb: Stoutmoedig.

117 Banan: Wit.

118 Barakat: Zegening.

119 Baqar: Krachtig.

120 Barraq: Schijnend.

121 Bassam: Glimlach.

122 Basier/Baseer: Wijs, een van de 99 namen van Allah.

123 Basel: Dapper.

124 Bashar: Brenger van blijde tijdingen.

125 Behram: Is de planeet Mars.

126 Bedar: Wakker, alert.

127 Bilal: Uitverkorene, is overigens ook de naam van een mu´azzen van de heilige profeet geweest.

128 Benyamin: Zoon van mijn rechterhand. Naam van de broer van profeet Yusuf(a).

129 Borak: De verlichting, zo heette de naam van de legendarische paard van profeet Mohammad(s).

130 Burhaan: Bewijs.

Letter -C-

131 Cadi: Pure, geluk.

Letter -D-

132 Dawud/David: Prins, ook wel bekend als de naam van een profeet.

133 Danish: Kennis.

134 Danyal, Danial, Daniel: Naam van een profeet.

135 Dameer/Damir: Hart.

136 Dastgir: Helper.

137 Dhaamin: Bevrijder,  iemand die opkomt voor een ander.

138 Dhulfiqaar: Zwaard van imam Ali(a), die uit de hemel kwam tijdens de slag van Badr.

139 Dilawar: Dapper.

139 Diya Uddien: Helderheid van het Geloof.

140 Dildar: Charmant, geliefde.

141 Din/dien: Religie.

142 Dinar: Gouden munt.

143 Dhiya: Licht.

144 Dost: Vriend.

Letter -E-

145 E’jaaz: Wonder.

146 Elias/Elyas: Naam van een profeet.

147 Emran: Voortgang, prestatie.

148 Esam: Veiligheid.

149 Ehsan: Iemand die heel dichtbij God komt, tolerant.

Letter -F-

150 Fadhil/ Fazil: Een vereerd persoon, deugd, kennis.

151 Faiz: Succesvol.

152 Fakhir: Trots, geachte, edele.

153 Faris: Ruiter, ridder.

154 Faroeq/Farooq: Iemand die waar van leugen kan onderscheiden. Dit was een van de bijnamen van Ali ibn Abu Taleb(a).

155 Faatir: Maker van iets.

156 Fadi: Redder.

157 Fadhlallah/Fadhlullah: De voortreffelijkheid van God.

158 Fahad: Lynx, panther, wilde kat.

159 Faheem/Fahim: Intelligent.

160 Faisal: Beslissende arbiter, sterke knappe, resolute

161 Faiyaz: Artistiek.

162 Faiz: Gunst.

163 Fajaruddin: De eerste.

164 Faqeeh/Fakeeh: Jurist.

165 Falak: Helal, ster, wind.

166 Faraj: Genezen, komst.

167 Fardeen: Stralend.

168 Farid/Fareed: Uniek.

169 Farhaan: Blij, vrolijk, gelukkig.

170 Farhad: Geluk.

171 Farman: Besluit.

172 Fawad: Hart.

173 Feroz: Winnaar.

174 Firdaus: Hoogste trede tuin in het paradijs.

175 Furqan: Bewijs, andere naam van de heilige Qur’an.

Letter -G-

176 Ghaalib: Overwinnend.

177 Ghasaan: Oude Arabische naam.

178 Ghaeb: Verborgen.              

179 Gulzar: Rozentuin.

180 Ghulam Ali: Dienstknecht van Ali. 

181 Ghaazi: Veroveraar               .

182 Gauwhar: Waardevolle bron.

183 Gizr: Naam van een profeet die nog leeft en zal verschijnen tijdens de komst van profeet Jezus en imam Mehdi.

184 Gazra: Naam van een groene eiland.

Letter -H-

185 Hadi/Haady: Begeleider naar het juiste pad, gids.

186 Haamid: Iemand die God prijst.      

187 Hamza: Leeuw.       

188 Haani: Vrolijk, opgetogen.

189 Humam: Moedig.

190 Haris/Haaris/Haarith: Ploeger.       

191 Haroen/Haroon: Hoop, Naam van een profeet, tevens de broer van profeet Musa(a) van Bani Israil.        

192 Habil: Eén van de zonen van profeet Adam.            

193 Hassan/Hasan: Mooi, knap, leider, vroeg. Hassan ibn Ali was de oudste kleinzoon van profeet Mohammad(s), tevens de tweede khalifa voor de moslims.     

194 Hossein/Hussain/Hosein/Husain: Mooi, knap, reddende schip, schijnende licht, een deel van profeet Mohammad(s). Hussein ibn Ali was de tweede kleinzoon van profeet Mohammad(s) en de derde Khalifa voor de moslims, na de dood van profeet Mohammad(s).             

195 Haathir/Haadhir/Haazir: Aanwezig.

196 Haafiz/Haafidh/Hafiz/Hafith: Behoeder, iemand die de Qur’an uit zijn hoofd kent. Zo werd een bekende Perzische dichter ook genoemd.

197 Haakim/ Hakim: Wijs, arts.               

198 Hashem/Hashim: Gul, vrijgevigheid. Hashim was de opa van profeet Mohammad(s).        

199 Haashir: Verzamelaar.         

200 Haatim: rechter.                    

201 Husaam: Zwaard.                  

202 Houd/Hood: Naam van een profeet.           

203 Habib/ Habeeb: Vriend, Geliefd. Habib ibn Mazaher was ook een metgezel van imam Hussain(a), die in de slag van Karbala aan de kant van de moslims werd gemarteld door de soldaten van yazid ibn Muawiyah.           

204 Haddad: Smid.

Letter -I-

205 Ihsaan: Weldadigheid.

206 Ibraheem/Ibrahim: Vader van veel , naam van een profeet.

207 Idris: Vurig, naam van een profeet.

208 Imaad: Ondersteuning, pilaar.

209 Imraan: Voorspoed, Imraan is de naam van een profeet, waar de naam van 3 maal in de heilige Koran is voorgekomen.

210 Irfaan: Dankbaarheid.

211 Isa: Tevredenheid van God, naam van een profeet.

212 Ishaaq: De lachende.

213 Ismail/Ismael: Degene die Allah gehoorzaam is, Ismail is tevens ook naam van een profeet.

214 Issam: Beschermer.

215 Inayat: Vriendelijkheid.

216 I’jaaz: Wonder.

217 Ibaad: Een aanbidder.

218 Ibaadollah/Ibaadullah/Ibaadallah: Aanbidder van Allah.

219 Iffat: Kuisheid.  

220 Iftikhaar: Trots.

221 Ihtiram: Respect.

222 Ikhlaas: Zuivere vriendschap.

223 Ikram: Eren.

224 Ilyas: Naam van een profeet.

Letter -J-

225 Jaabir/Jabir: Trooster. Jaabir ibn Hayyan ook wel bekend als Al Gebra, was een van de metgezellen en een van de leerlingen van imam Jafar Al Sadiq(a).

226 Jaafar/ Jafar: Rivier, Jafar ibn Mohammad(a), was de 6e nakomeling van profeet Mohammad(s), tevens de 6e khalifa, na de dood van profeet Mohammad(s). Deze Jafar ibn Mohammad(a) zette in de islam, de eerste universiteit  van zijn vader imam Mohammad Al Baqir(a) voort met maar liefst 4000 grote geleerden als leerlingen van hem.

227 Jalaal: Glorie van het Geloof.           

228 Jamaal: Schoonheid.

229 Jameel: Mooi.

230 Jawad: Gul, zo heet de 9e nakomeling van profeet Mohammad(s). Deze Jawad is tevens ook de 9e khalifa van de moslims.            

231 Jaleel: Grote, goed. Is één van de 99 namen van Allah(swt).

Letter -K-

232 Kaamil: Perfect.

233 Kamal: Perfectie.

234 Kareem/ Karim: Edele, genereus. Eén van de 99 namen van Allah(swt).

235 Khairy: Barmhartige, liefdadig.

236 Khaldoon: Oud Arabisch naam.

237 Khalid: Eeuwig.

238 Khaleel/Khalil: Vriend.

239 Khuzaymah: Oud Arabisch naam.

Letter -L-

240 Laith: Leeuw.

241 Loot/Loet: Naam van een profeet die ook in de koran voor komt.

242 Luqmaan: Naam van een profeet die in de heilige koran voor komt. Ook wel bekend als de Loqmaan Hakeem.

243 Lutfi: Vriendelijkheid.

244 Lu’ay: Schild, beschermer.

245 Liyaqaat: Verdienste.

Letter -M-

Malik: Koning, heerser of eigenaar.

Murtadha/Murtaza: Over wie hij tevreden is. Bijnaam van imam Ali ibn Abu Talib(as)

246 Ma’awiya: Jong hond of vos. Zo heette ook de eerste Umayadische khalifa.

247 Ma’moon/Ma’mun: Gezegend.

248 Ma’roof/Ma’roef/ Ma’ruf: Gezegend.

249 Ma’Shuq: Geliefd.

250 Ma’soom/ Ma’sum/Masoem: Geliefd.

251 Mahir: Geschoold.

252 Maaz: Hout.

253 Madiyan: Naam van een plaats in Saudi Arabie.

254 Maemon: Blij.

255 Mahfouz/Mafooz: Veilig.

256 Mahaz: Plaats van oorlog.

257 Mahbeer: Trotseer.

258 Mahboob: Geliefd.

259 Mehdi/Mahdi: Rechtgeleide gids, leider. Zo heet de 12e opvolger en nakomeling van de profeet Mohammad(s).

260 Maheen: Fijne of dunne textuur, lijkend op de maand, zachte stem.

261 Mahja: Rustplaats.

262 Mahmoud: Machtig, is tevens ook één van de 99 namen van Allah(swt).

263 Maira: Maan.

264 Majid: Roemrijk.

265 Majd: Glorie, eer.

266 Masud/ Mesut: Gelukkig, blij, begunstigd.

257 Mansur/Mansoor/Mansoer: Overwinnend.

268 Manzar: Bekijk het zicht.

269 Manzur: Bewonderend.

270 Maqbool: Aanvaard, geaccepteerd.

271 Maqil: Intelligent.

272 Marwan: Oud Arabisch naam.

273 Massih/Maseeh: Komende, Massih was een bijnaam van profeet Jezus/Isa(v.z.m.h).

274 Matin: Sterk, goed.

275 Mazahir: Buitenkant

276 Mazhar: Opkomen, verschijning.

277 Meer: Leider.

278 Mehtab: Maan.

279 Mi’raj: Ladder, een hogere trede.

280 Misbah: Licht, lampt.

281 Misha: Mooi, vrolijk, iemand die van God houdt.

282 Miskien: Arm.

283 Mobien/ Mobeen: Duidelijk

284 Moein: Iemand die in de religie helpt.

285 Mohammad: De gepreze, zo heet de laatste profeet en tevens de beste mens der werelden.

286 Mohsin: Helper, aantrekkelijk, goed.

287 Musa/Moosa: Zoon, zo heette ook een belangrijke profeet waar de naam van een paar keer in de Koran voor komt.

288 Moslim/Muslim: Iemand die zich over geeft aan de wil van Allah. Zo heette ook de neef en ambassadeur van Imam Hussain(a) (Muslim ibn Aqiel v.z.m.h).

289 Mostafa: Verkozene, is tevens ook een van de bijnamen van profeet Mohammad(s).

290 Maitham/Maisam/Maysam: Was de naam van een belangrijk metgezel van imam Ali(a) die zich op offerde voor imam Ali(a).

291 Mubarak: Zegening.

292 Mikail: Naam van een engel.

293 Mounir: Licht.

294 Mourad/Moerad/Murad: Verlangen.

295 Moqbil: Eerstvolgende.

Letter -N-

296 Na’eem/Naim: Paradijs, plezier.

297 Na’ib: Vervanger.

298 Na’il: Verdiener.

299 Nadir: Lieve, zeldzaam.

300 Nasih: Adviseur.

301 Nasir: Verdediger, helper, beschermer.

302 Nazim/Nathim/Nadhim: Richter, arrangeur.

303 Nazir: Richter, arrangeur.

304 Nabi/Nabeeh: Nobel, uitstekend.

305 Nabil: Nobel.

306 Nadhir: Beschermer.

307 Nain : Oog.

308 Najah: Succes, veiligheid. (Een van de bijnamen van Imam Al Hussain(a).

309 Najair: Kleine ster.

310 Najam: Planeet, ster.

311 Najib: Prijzenswaardig, uitstekend.

312 Najeed: Hoogland.

313 Najm: Ster.

314 Nakia: Trouw.

315 Namik: Schrijver.

316 Naqeeb: Leider, chef.

317 Naqi: Zuiver, zo heette de 9e nageslacht van profeet Mohammad(s).

318 Naqqaash: Tekenaar.

319 Nasah: Adviseur.

320 Nasar: Hulp, steun.

321 Naseeb/ Nasib: Deelname, aandeel.

322 Naseem/Nasim: Frisse lucht.

323 Nasir/ Naseer: Een vriend.

324 Nashad: Somber.

325 Nashat: Vreugde.

326 Nasheed: Mooi.

327 Nasr: Hulp, help.

328 Nathar: Verspreid.

329 Natiq: Spreker.

330 Naushad: Blij.

331 Naveen: Nieuw.

332 Navid: Goed nieuws.

333 Navil: Om gezegend te worden.

334 Nawazish: Liefkozen.

335 Nawaz: Prins, liefdevolle en gulle.

336 Naz: Trots, schattig.

337 Nazar: Liefdadigheid.

338 Nazeef/Nazif: Schoon.

339 Nimat/ Ni’mat: Zegen.

340 Nida: Geluid.

341 Nidal: Verdediger.

342 Nooh/Nuh: Rust/ troost Zo heette ook een olol azm profeet .

343 Noer/Noor/Nour: Licht.

344 Noorali: Licht van Ali.

345 Noureddin: Licht van het geloof.

346 Nu’man: Bloed (Oud Arabisch naam).

347 Numair: Baby tijger.

348 Nusrat: Help.

349 Nuzhat: Amusement.

Letter -O-

350 Obaid: Kleine slaaf.

351 Obaidollah: Kleine slaaf van Allah.

352 Omair: Probleem oplosser.

353 Omar: Lang levend.

354 Omran: Structuur.

355 Osama: Leeuw, zo heette ook een dappere metgezel van profeet Mohammad(s).

356 Owais: Was een bekende liefhebber en metgezel van profeet Mohammad(s). Iemand die zijn lichaam op offerde voor de profeet.

357 Omid: Hoop.

358 Ozeir: Naam van een profeet.

359 Othman: Een soort vogel.

Letter -P-

360 Parvez: Succes.

361 Pir: Oud.

Letter -Q-

362 Qa’id: Oud.

363 Qa’im: Rechtop (Een van de bijnamen van Imam Mahdi).

364 Qazi/Qaadhee: Rechter.

365 Qadir: Krachtig (Een van de namen van Allah)

366 Qahir: Zegevierend. (Een van de 99 namen van Allah)

367 Qaani: Inhoud.

368 Qabil: Acceptant, zoon van profeet Adam.

369 Qadar: Goddelijke bestemming.

370 Qadim: Vroeger, oude.

371 Qays/Qais: Minnaar (Een van de metgezellen van profeet).

372Qamar: Maan (Een van de bijnamen van Hz. Abbas ibn Ali ibn Abu Taleb)

373 Qari/Qaree: Koran recitator.

374 Qareeb: Dichtbij.

375 Qaseem: Verdeler (Een van de bijnamen van profeet Mohammad en imam Ali).

376 Qasid: Boodschapper.

377 Qay-yoom: Eeuwig (Een van de 99 namen van Allah).

378 Qodos: Meest heilige (Een van de namen van Allah).

379 Qudrat: Kracht.

380 Qur’an: Laatst gezonden boek door Allah(swt).

381 Qurbaan/Qurban: Martelaar.

382 Qusay: Afgelegen.

383 Qutaybah: Prikkelaar (Was een verteller van de hadith).

Letter -R-

384 Raed/ Ra’ed: Leider.

385 Ra’ees/ Ra’is: Baas.

386 Raghib: Verlangend.

387 Rahil: Gids.

388 Ramiz: Symbool.

389 Raqeem: Schrijver.

390 Raashid: Groot.

391 Rabbani: Iemand die gehecht is aan Allah.

392 Rabah: Verkrijger.

393 Rabi: Lente.

394 Razi/Rathi/Radi: Tevreden.

395 Rafiq: Vriend.

396 Rafi: Hoog, verheven.

397 Rafid: Steunen, volhouden.

398 Rahman: Medelijdend, genadig (Een van de 99 namen van Allah).

399 Rahim/Raheem: Barmhartig (Een van de 99 namen van Allah).

400 Raihan: Naam van een geurige plant.

401 Raja: Hoop, verwachting.

402 Rakin: Eerbiedig.

403 Ramadhaan: Een van de namen van Allah, tevens een heilige maand.

404 Ramiz: Prominent, wegwijzer.

405 Rani: Starende blik.

406 Rasul: Boodschapper (Een van de titels van profeet Mohammad).

407 Rasim: Planner, organisator.

408 Ratib: Voorbereider.

409 Rauf: Genadig, mee lever (Een van de bijnamen van Imam Reza, de 8ste nageslacht van de profeet).

410 Rayhan: Gods lieveling.

411 Razzaaq: Voedende (Een van de namen van Allah).

412 Reza/Redha: In gunst van Allah (Titel van de 8ste nagesacht van profeet Mohammad).

413 Redouan/ Rizwan: Van goede wil (Een van de namen van Allah).

414 Riaz: Tuinen.

415 Rohollah: Geest van Allah (Een van de bijnamen van profeet Isa/Jezus).

Letter -S-

416 Sab: Leeuw.

417 Sabah: Morgen.

418 Sabir: Geduldig.

419 Sabit: Stabiel, standvastig.

420 Sabri: Geduldig man.

421 Sabt: Geboren op zaterdag.

422 Saboor/Sabur: Geduldig.

423 Sadat: Prinsen.

424 Sadiq: Waarheidlievend (Een van de bijnamen van imam Jafar Sadiq de 6e  nageslacht van de profeet).

425 Said: Gelukkig (Een van de 99 namen van Allah).

426 Safi: Zuiver.

427 Sayfollah: Zwaard van Allah (Een van de bijnamen van imam Ali).

428 Sayfudin: Zwaard van het geloof (Een van de bijnamen van Imam Hussain).

429 SaarAllah: Bloed van Allah (Een van de bijnamen van imam Hussain).

430 Safwan: Helder.

431 Sahir: Wakend.

432 Sakhrudden: Steen van het geloof.

433 Sajjad/Sadjad: Geknield in het gebed (Een van de bijnamen van imam Ali Al Zayn Al Abedeen de 4e nageslacht van de profeet).

434 Saleh/ Salih: Deugdzaam, eerzaam, vroom (Naam van een profeet).

435 Salim: Zuiver, volmaakt.

436 Salman: Veilig (Naam van een metgezel van profeet Mohammad).

437 Sami: Luisteraar.

438 Samih: Edelmoedig.

439 Samir: Onderhoudende metgezel voor de nacht of avond.

440 Sayed: Heer, meester.

441 Sattar: Een van de 99 namen van Allah.

442 Sadr: Iemand die opkomt voor een ander.

443 Shafi: Redder.

444 Shahid: Getuige.

445 Shakil: Mooi, knap.

446 Shams: De zon.

447 Shakir: Dankbaar.

448 Shukrollah: Iemand die Allah dankbaar is.

449 Sati: Iemand die Allah dankbaar is.

450 Sohayl/Suheil: Heldere ster in de hemel.

451 Shoaib: Met rood uiterlijk (Naam van een profeet).

452 Sulayman/Sulaiman: Vrede (Naam van een profeet).

453 Sharif: Eerlijk.

454 Shariq: Opgaande zon.

455 Sidqi: Waarachtig.

456 Salah: Rechtvaardigheid.

457 Shudja: Dapper.

 

Letter -T-

458 Taha: Naam van een hoofdstuk uit de Koran. Een bijnaam van profeet Mohammad(s).

459 Tahir: Rein, zuiver (Bijnaam voor de Ahlalbayt 33:33).

460 Tahsien: Versiering.

461 Tajudeen: Kroon van het geloof.

462 Talal: Aardig.

463 Taleb: Zoeker naar het kennis (Naam van de vader van imam Ali a.s).

464 Tamam: Edelmoedig.

465 Tamim: Sterk, krachtig (Een van de 99 namen van Allah).

466 Tamir: Rijk.

467 Taoufieq: Geluk, Succes.

468 Taqi: Oprecht (Een van de titels van de 9e nageslacht van profeet Mohammad).

469 Tarif: Uniek, zeldzaam.

470 Taslim: Onderwerping.

471 Tayyib: Goed, braaf, keurig.

472 Tazim: Eer.

473 Tijani: Eerlijk, betrouwbaar.

474 Tariq: Pad of ster.

475 Tabib: Arts.

Letter -U-

476 Ubaid: Gelovig.

Letter -V-

477 Varante: Vanuit een rivier.

Letter -W-

478 Wa’il/ Waiel: Terugkerend.

479 Wahab : Geschenk.

480 Walid: Pasgeborende.

481 Wasim/Waseem: Knap, aantrekkelijk.

482 Wafiq: Succesvol.

483 Waqil: Raadgever.

484  ahib: Gever.

485 Wa’iz: Prediker.

486 Waahid: Eén, geen partner, uniek.

487 Wadee/ Wadi: Kalm.

488 Wafa: Trouw.

489 Wafeeq: Succesvol.

490 Wahdat: Eenheid.

491 Wahhaaj: Schijnend.

492 Wais: Koning.

493 Wakil: Advocaat.

494 Wali: Beschermer (Een van de bijnamen van Imam Ali(a).

495 Waqaar: Waardigheid.

496 Wazeer: Minister.

497 Wilayat: Kracht, staat.

498 Wisam: Logo of icoon.

Letter -Y-

499 Yaqoeb/Yaqub: Naam van een profeet.

500 Yameen: Zegen.

501 Yasin: Een van de bijnamen van Profeet Mohammad(s).

502 Yusuf: Vermeerdering van macht en invloed, naam van een Profeet.

503 Yahya: Leven, naam van een profeet.

504 Yunus: Naam van een profeet.

505 Yasar: Gemak, rijkdom.

506 Yasser: Gemak, rijkdom (Naam van de eertste martelaar in de islam).

507 Yamin: Zegen.

508 Yaqeen: Geloven in iets, zeker zijn van iets.

509 Yathrib/ Yasrib: Andere naam voor de heilige stad Medina.

510 Yazdan: Barmhartig (Een van de namen van Allah).

511 Yusr: Gemak.

Letter -Z-

512 Za’ir: Gast.

513 Zahir: Helder, schitterend.

514 Zakaria: Naam van een profeet.

515 Zuhair: Helder, schitterend (Naam van een metgezel van de heilige profeet en imam Hussain).

516 Zaki: Puur, (Bijnaam van de 11e nageslacht van profeet Mohammad, imam Hassan al Askari).

517 Zaid/Zayd: Overvloed (Naam van de geadopteerde zoon van profeet Mohammad).

518 Zain/Zayn: Schoonheid, elegantie (Bijnaam van de 4e nageslacht van profeet Mohammad, Imam Al Sajjad).

519 Zahid: Een toegewijde.

520 Zakir: Iemand die Allah herdenkt.

521 Zaéem: De leider.

522 Zafar: Zegevierend.

523 Zahur: Een bloem.

524 Zaighum: Leeuw.

525 Zayn Al Abadeen: Vroege imam van de islam( Bijnaam van imam Sajjad a.s, de 4e nageslacht van de profeet s.a.w).

526 Zaman: Tijd (Een van de bijnamen van imam Mehdi a.j.t, de 12e nageslacht van de profeet s.a.w).

527 Ziya: Licht.

 

 

islam namen

Share.

About Author

Ahlalbayt4iedereen

Wij zijn tot uw dienst! Deel deze informatie a.u.b. met uw vrienden en familie. Heeft u een vraag, opmerking of een klacht? Stuur ons via de contactformulier een email. Wij zullen het snel beantwoorden, Dank U!

Comments are closed.