Biografie van Abbas ibn Ali (a.s.)

0

Biografie van Abbas ibn Ali (a.s.)

Naam: Al Abbas

Titel: Abu Fadhil

Vader: Ali ibn AbiTalib (as)

Moeder: Fatima bint Hizam (Umm Al Baneen)

Geboorteplaats: Medina

Gesneuveld in: Karbala

Begraafplaats: Karbala

Geboortedag: 4 Shaban

Martelaarschap: 10 Muharram

Wie was Abbas ibn Ali?

Abbas ibn Ali(as) was de zoon van imam Ali ibn Abu Talib (as) en Fatima bintHizam (sa), beter bekend als Ummul Baneen. Abbas wordt in het bijzonder vereerd door volgelingen van de Ahlalbayt (as) voor zijn loyaliteit aan zijn halfbroer en derde Imam, Hussain ibn Ali(as), zijn respect voor AhlulBayt, en zijn rol in de slag bij Karbala. Abbas was getrouwd met Lubaba binte Obaidullah ibn Abbas ibn Abdul Muttalib.

Hij had drie zonen, hun namen waren Fadhil ibn Abbas, Qasim ibn Abbas en Obaidullah ibn Abbas. Twee van hen werden gedood tijdens de slag bij Karbala. De bloedlijn van Abbas ibn Ali werd doorgezet door Obaidullah ibn Abbas. Obaidullah had vervolgens vijf zonen. De namen van de kleinzonen van Abbas ibn Ali waren Abdullah ibn Obaidullah, Abbas ibn Obaidullah, Hamza ibn Obaidullah, Ibrahim ibn Obaidullah, en Fadhil ibn Obaidullah.

Het is vastgelegd dat de engel Jibraeel, Profeet Mohammad (vzmh) inlichtte over wat er zou gebeuren met zijn kleinzoon Hussein ibn Ali(as) in Karbala.[1]
De Profeet Mohammad (vzmh), Fatima Al Zahra (sa) en Imam Ali (as) waren zeer bedroefd door deze boodschap. Hierdoor wenste Imam Ali (as) nog een zoon te hebben die Imam Hussain ibn Ali (as) zou kunnen helpen in Karbala.

Geboorte & jeugd

Abbas ibn Ali ibn Abu Talib (as) werd geboren op Shaban 4, 26 na Hijra (AH). Hij was de zoon van Ali ibn Abu Talib (as), en Fatima Zahra bint Hizam. Abbas had drie broers, Abdullah ibn Ali, Jafaribn Ali en Usman ibn Ali. Abbas heeft 34 jaar geleefd. Er wordt gezegd dat hij zijn ogen niet open deed nadat hij geboren was totdat zijn halfbroer Hussein ibn Ali (as) hem in zijn armen had genomen. Abbas leerde de oorlogsvoering van zijn vader Ali (as) die de meest gevaarlijke strijder van alle tijden was. [4]

Abbas heeft zichzelf nooit gelijk in rang of status beschouwd ten opzichte van zijn halfbroer Hussain (as). Integendeel, beschouwde Abbas zijn halfbroer Hussain (as)als zijn meester. Abbas hield er niet van dat iemand voor Imam Hussain zou werken, behalve zichzelf. Deze toewijding kan worden teruggezien in de volgende gebeurtenis: In de moskee van Koefa zaten Ali ibn Abu Talib, Husayn, Qanbar (een metgezel van Ali) en Abbas. Hussain vroeg Qanbar om water te brengen omdat hij dorst had. Abbas hield hem tegen en zei: “Ik zal zelf water voor mijn meester halen”, Abbas was nog jong op dat moment. [4] [5]

De slag bij Siffin

Het eerste optreden van Abbas ibn Ali (as) als strijder was bij de slag van Siffin. In 657 CE, raakten de vader van Abbas, Imam Ali (as) de verdediger van de Islam (de kalief van de tijd), en Muawiya ibn Abi Sufyan (la), gouverneur van Syrië & vijand van de Islam, verweven in een strijd om de Islam. Een van de belangrijkste veldslagen van dit conflict was bij Siffin, een plaats in de buurt van de rivier Eufraat. [6]
Tijdens het verloop van de strijd betrad Abbas, terwijl hij de kleren van zijn vader droeg, het slagveld.

Abbas doodde veel soldaten van de tegenstanders met zijn vlijmscherpe zwaard. Om die reden verwarden de soldaten van Muawiya(la) Abbas met Imam Ali (as) vanwege zijn soortgelijke krachtige manier van oorlogsvoering. Echter kwam Imam Ali (as) al snel zelf op het slagveld. De soldaten van Muawiya(la) waren verbaasd toen ze dit zagen en waren verward over wie de andere strijder was. Imam Ali(as) stelde Abbas voor door te zeggen: “hij is Abbas, Qamar bani Hashim” (de maan van de familie Bani Hashim). [4] [5]

De slag bij Karbala

Abbas toonde zijn loyaliteit aan Imam Hussain (as) bij de slag van Karbala. Nadat Yazid ibn Muawiyah (la) zijn vader had opgevolgd als khalief, eiste Yazid van imam Hussain (as) om trouw aan hem te zweren. Imam Hussain (as) weigerde dat te doen. In 60 AH (680 CE), vertrok Imam Hussain (as) vanuit Medina, met een kleine groep van zijn metgezellen en familie om te reizen naar Kufa. De mensen van Kufa zeiden dat ze Imam Hussain (as) zouden steunen als hij ze de leiding  zou geven. Onderweg naar Kufa, werden Imam Hussain (as) en zijn groep onderschept, zij werden gedwongen een omweg te nemen. Ze kwamen uiteindelijk op de 2e van Muharram 61 AH aan in Karbala. Het kamp van Imam Hussain (as) werd omsingeld en werd afgesneden van de rivier Eufraat, hierdoor raakte het water in de kamp de 7de dag van Muharram op. [7]

Abbas bevorderd als commandant

Op de 10e dag van Muharram werd Abbas gepromoveerd als bevelhebber, Imam Hussain (as) droeg Abbas op om water uit de rivier Eufraat te halen voor de kleine dorstige kinderen. [8] . Een aantal soldaten van Yazid (la) hielden Abbas tegen op zijn weg naar de rivier, maar werden gedood door zijn vaardigheden met zijn zwaard.

Maar een van de krijgers, die verborgen zat in de struiken, verwondde Abbas. Abbas verloor zijn beide armen in de oorlog. Hij kon er niet in slagen water te brengen voor de kleine dorstige kinderen en stierf op zijn weg naar de rivier. Na de dood van Abbas raakte Imam Hussain (as) in eeuwige tranen. De kleine kinderen vroegen nooit meer om water na de dood van Abbas en bleven dorstig en in zwijgen tot ze werden gedood of tot slaven werden gemaakt door de vijanden van de Islam (Yazid en zijn wrede soldaten). Imam Hussain (as) noemde Abbas “Saqqa” (iemand die water haalt). [9] [10] [10]

Abbas en het graven van een waterput

Op de 8e & 9e dag van Muharram weigerde Imam Hussain (as) Abbas te sturen om ten strijde te gaan voor het halen van water. Abbas was zeer enthousiast om te vechten maar Imam Hussain (as) vroeg Abbas om een waterput te graven. Abbas en sommige mannen van Bani Hashim begonnen met graven, maar tevergeefs vonden ze geen water. [11] [12] [13] [11]

Abbas, Qasim ibn Hassan en Ali Akbar ibn Hussain

Op de vooravond van de tiende dag van Muharram passeerde Imam Hussain (as) een tent waar zijn neef Qasim ibn Hassan, zijn zoon Ali Akbar ibn Husain, en broer Abbas zaten en een kwestie aan het bespreken waren. Hij stond naast een tent en hoorde hun gesprek. Ali Akbar zei dat hij morgen de eerste persoon zal zijn die zijn leven zal opofferen voor Imam Hussain(as). Abbas onderbrak hem en zei: “Jij bent de zoon van mijn meester. Hoe kan jij eerder dan ik gaan strijden?”
Ali Akbar antwoordde: “Mijn oom, u bent de kracht/energie van mijn vader. Als u als eerste gaat en sterft zal mijn vader er kapot van gaan. En u bent ook de bevelhebber en een bevelhebber hoort niet als eerste te gaan.”
Abbas reageerde op Ali Akbar: “O Neef! Een zoon is als licht voor de ogen van zijn vader. Als jij als eerste sterft, zal mijn broer verblind raken. En boven alles, kan ik het niet verdragen om jou te zien sterven.”
Qasim luisterde naar de conversatie en reageerde: “Mijn lieve oom! En mijn lieve broer! Ik zal als eerste ten strijde gaan zodat de kracht en visie van mijn oom Hussain in leven blijven, aangezien ik ook wees ben komt dat het beste uit.”
Imam Hussain (as) kwam de tent binnen en hield de handen van Qasim vast en antwoordde: “Oh, mijn neef, beschouw jezelf nooit als een wees. Ik ben net als een vader voor jou.”
Abbas wilde niet dat iemand het slagveld eerder zou betreden dan hem. Daarna legde Imam Hussain (as) aan Abbas uit; “We zijn hier niet naar Karbala gekomen om oorlog te voeren. Ook al zouden we de oorlog kunnen winnen omdat wij mannen van Bani Hashim hebben zoals jou. Echter, onze missie hier is om de Islam te dienen en de Islam heeft onze opoffering nu nodig. We zijn hier gekomen om onze levens op te offeren voor deze zuivere en nobele geloof.” [14]

Strijd en dood

De rivier Eufraat was bezet door het leger van Yazid (la) om te voorkomen dat het kamp van Imam Hussain (as) aan water zou kunnen komen. De imam vroeg zijn broer Abbas of hij bij Eufraat water kon halen voor de kinderen. Alleen hij had toestemming gekregen om water te halen. En daarom, ging hij naar de rivier om water voor Imam Hussain’s kinderen te halen. Onder andere voor een dochtertje van imam Hussain (as) genaamd Sakina bint Hussain (4 jaar).[12] Sakina was zeer gehecht aan Abbas, die haar oom was. Abbas was haar enige hoop voor het verkrijgen van water.

Abbas kon haar niet dorstig aanzien en huilend roepend: “Al-Atash” (de dorst). [4].Toen Abbas het slagveld betrad, had hij alleen een dolk en een waterzak in zijn handen. Toen hij arriveerde bij het rivier, begon hij de zak met water te vullen. De loyaliteit van Abbas aan Imam Hussain(as) was zo groot, dat Abbas geen water dronk omdat hij niet met de gedachte kon leven dat Sakina nog dorst had. Nadat hij zijn waterzak had gevuld, keerde Abbas terug naar het kamp.

Op zijn terugweg, werd hij van achteren getroffen en werd één van zijn armen afgesneden. Hij droeg zijn zak met water met zijn andere hand. Vervolgens, werd hij weer van achteren getroffen en werd zijn andere arm ook afgesneden. Abbas droeg nu de waterzak met zijn tanden. Het leger van Yazid ibn Muawiyah (la) begon met het afvuren van pijlen op hem. Een van die pijlen raakte zijn oog. Hij kon niets meer zien. Hij had geen handen meer om de pijlen uit zijn ogen te trekken. Één pijl raakte de waterzak en al het water vloeide uit de waterzak. Op dat moment verloor Abbas al zijn hoop. Een van de soldaten van Yazid (la) raakte het hoofd van Abbas met een strijdknots en Abbas viel van zijn paard zonder enig houvast omdat hij zijn armen had verloren. Vallend van zijn paard riep hij “YaAkkha” (‘O Broer’).[12]

Hij viel op het vuurhete zand met ondragelijke pijn. Hij riep zijn meester Imam Hussain (as). Imam Hussain(as) kwam onmiddellijk naar hem en tilde zijn hoofd op en legde hem op zijn schoot. Hij zei “mijn broer wat hebben ze gedaan met jou?” Abbas antwoordde: “u bent eindelijk gekomen mijn meester. Ik dacht het niet meer voorbestemd was voor mij om u nog één keer te zien, maar God zij dank, u bent hier.” Toen zei hij: “mijn meester, ik heb nog een aantal wensen die ik wil uitspreken voordat ik sterf. Toen ik geboren werd, zag ik uw gezicht als eerst en het is mijn laatste wens dat als ik sterf, dat mijn laatste blik jouw gezicht kan worden. Eén van mijn ogen is doorboord door een pijl en de andere is gevuld met bloed. Als u het bloed uit mijn ene oog wegveegt is het mogelijk voor mij om u nog één keer te zien en is mijn wens voor ik sterf vervuld. Mijn tweede wens is, als ik sterf, neem mijn lichaam dan niet naar het kamp. Ik had Sakina beloofd om water te halen voor haar en aangezien ik hierin heb gefaald, kan ik haar zelfs stervende niet confronteren en ik wil uit schaamte niet met lege armen naar hun komen.” (Opmerkelijk dat iemand met zoveel respect, zo erg bescheiden is na een dappere strijd).

Abbas gaat verder… “Bovendien, ik weet dat de klappen die u hebt ontvangen sinds vanmorgen u al hebben uitgeput, en door mijn lichaam nog eens naar het kamp te tillen zal dat een slopende werk zijn voor u.”

“Mijn derde wens is dat Sakina niet naar hier gebracht mag worden om mij in deze toestand te zien. Ik weet dat ze veel van mij houdt. En om mijn dode lichaam hier te zien zal haar dood betekenen.” Imam Hussain vervulde zijn wensen. Imam Hussain (as) vertelde Abbas: “Abbas, ik heb ook een wens die ik graag zie uitkomen. Sinds jouw jeugd noemde je me altijd meester. Voor één keer tenminste, noem mij weer opnieuw broer met jouw stervende adem.” Abbas sloot zijn ogen terwijl hij bleef herhalen;  “Mijn broer, mijn Imam”. [4]

De historici vertellen dat Abbas normaal gesproken imam Hussain (as) uit respect altijd meester noemde en normaal gesproken geen broer zei.  [15]. Hij werd vermoord op een vrijdag, 10e van Muharram 61 Hijri bij de oevers van de rivier Eufraat. Vandaar dat hij de held van Al-Qamah (een andere naam voor de rivier Eufraat) wordt genoemd. Men rouwt over het algemeen op de nacht van de 7de Muharram om zijn dood. Sjietische moslims rouwen om de dood van alle martelaren die voor de islam streden in de maand Muharram (de eerste maand van Islamitische kalender) zijn gedood met Imam Hussain(as). Dit doen ze voornamelijk in de eerste 10 dagen.

Wreedheid met hun lichamen.

Nadat de slag bij Karbala eindigde, reden de krijgers van Yezid met hun paarden over de onthoofde lichamen. Zij deden dit om de Ahlalbayt van Profeet Mohammad (vzmh) en Imam Ali(as) zo veel mogelijk mentaal en fysiek te schaden. Dit deden zij met plezier in aanwezigheid van de vrouwen en kleine kinderen die dit ook zagen met eigen ogen. Het was een bevel van Omar ibn Sa’d en Shimr (moge Allah hun vervloeken).

Graf

Abbas werd begraven op de plek waar hij van zijn paard viel in Karbala, Irak. Miljoenen pelgrims bezoeken jaarlijks zijn heilige graf en eren hem elk jaar. Het echte graf van Abbas is onder de Mausoleum, hij is daar daadwerkelijk begraven. Veranderingen in het klimaat hebben er voor gezorgddat de stroomrichting van de Eufraat is veranderd. Bijna 1400 jaar na de slag bij Karbala, stroomt het rivier als een cirkel om het graf van Abbas. Er wordt gezegd dat de Eufraat nu aan Abbas toebehoort. [17]

Eervolle titels

Een samenvatting van de titels die verschillende mensen aan Imam Abbas hebben gegeven.

  • Abu al-FadlAbbas (Taal. Farsi, vertaling “De vader van deugdzaamheid”)
  • Abul Qasim (Taal. Arabisch, vertaling “De vader van Qasim”)
  • Abu Qurba (Taal Arabisch, vertaling “De eigenaar van een waterzak”)
  • Shahen Shah-e-Wafa (Taal Urdu, vertaling “De Sultan van loyaliteit”)
  • Qamar Bani Hashim (Taal. Arabisch, vertaling “De maan van de BaniHashim”. Zijn vader Ali ibn Abu Talib gaf hem deze titel tijdens de slag bij Siffin)
  • Alamdar (Taal. Farsi, vertaling “De vlaggendrager”. Hussain gaf hem deze titel bij de slag van Karbala)
  • Saqqa (Taal. Arabisch, vertaling “Hij die water haalt”. Sakina bint Hussain gaf hem die titel tijdens de slag bij Karbala)
  • Afza sh-Shuada (Taal. Arabisch, vertaling “Meest superieure Martelaar”)
  • BabulHawa’ij (Taal Arabisch, vertaling ” De deur naar vervulling van behoeften” Volgens Sjieten, hebben drie mensen deze titel gekregen (Abbasibn Ali, Ali Asgharibn Hussain, en de zevende Imam van de Sjieten Imam Musa al Kazim). [18][2]

Graftombe van Abbas

De graftombe van Abbas is een zielvolle bezienswaardigheid voor heel de wereld. Keizers en koningen van verschillende dynastieën hebben waardevolle geschenken en edelstenen geschonken aan het heiligdom. Het Mausoleum werd ontworpen door Perzische en Centraal-Aziatische architecten. De prachtige kleuren aan de buitenkant en de binnenkant van het heiligdom zijn zeer indrukwekkend. De centrale peervormige koepel is op een zeer fraaie wijze opgericht. Aan de zijkanten staan twee hoog minaretten. Het graf is bedekt met puur goud en omgeven door een traliewerk van zilver. Iraanse tapijten zijn op de vloeren uitgerold. [19]

Paard van Abbas

Abbas kreeg een paard met de naam “Auqab” (adelaar). [20] dit paard werd gebruikt door Profeet Muhammad (vzmh) en Imam Ali (as). Dit paard werd geschonken aan Profeet Muhammad (vzmh) door de koning van Jemen, Saifibn Zee Yazni, via Abdul Muttalib.

Het paard werd in eerste instantie “Murtajis” genoemd. De naam “Murtajis” komt van Arabische naam “Rijis” wat bliksem betekent. De Profeet Muhammad (vzmh) veranderde zijn naam in “Auqab”. Profeet Muhammad (vzmh) gaf dat paard aan Imam Ali (as) en later gaf Imam Ali (as) het aan Abbas. [20] [21]

Bronnen:

____________

1 The Martydom of Imam Husain (RA). Retrieved on 2006-06-30.

2 a b Lalljee, Yousuf N. (2003). Know Your Islam. New York: TahrikeTarsile Qur’an, p.160. ISBN 0-940368-02-1.

3 Lalljee, Yousuf N. (2003). Know Your Islam. New York: TahrikeTarsile Qur’an, p.125. ISBN 0-940368-02-1.

4 a b c d e HazratAbulFazl Al Abbas. Retrieved on 2006-01-08.

5 a b Lalljee, Yousuf N. (2003). Know Your Islam. New York: TahrikeTarsile Qur’an, p.161. ISBN 0-940368-02-1.

6 Wikipedia: Battle of Siffin. Retrieved on 2006-01-08.

7 Wikipedia: Battle of Kerbala. Retrieved on 2006-07-30.

8 Hasan, Moulana Syed Najamul. Zikr-ul Abbas Chapter 32, p.174.

9 Bastami, Historian. Tohfa-e-Hussainia Lang Arabic, p.78.

10 a b Al-iza, Historian. Al-Mawaiz Al-Baqa Lang Arabic, p.197.

11 a b Hasan, Moulana Syed Najamul. Zikr-ul Abbas Chapter 34, p.181.

12 a b c The Great Sacrifice. Retrieved on 2006-07-30.

13 Channel 4 – Kerbala. Retrieved on 2006-08-09.

14 Najafi, Allama Muhammad Baqar. Dama-e-Sakaba Lang. Arabic, p.326.

15 Zakir. Tears and Tributes, p.51-52. ASIN B000EEP7NC.

16 Darbandi, Aqay-e. Israr-e-Shahadat Lang. Farsi, p.337.

17 KaraÌraviÌ, NajmulhÌ£asan (January 1, 1974). Biography of Hazrat Abbas. PeermahomedEbrahim Trust. ASIN B0007AIWQW.

18 Al-Abbas (PBUH). Retrieved on 2006-07-30.

19 Muhammad, Yousaf (2001). Al-Abbas (AS) – Rajul Al-AqidahWalJehad. Islamic Republic of Iran.

20 a b Tehrani, AllamaAhhsan. Zindagi-e-Abbas Lang. Urdu, p.83.

21 Pinault, David (February 3, 2001). Horse of Karbala: Muslim Devotional Life in India. PalgraveMacmillan. ISBN 0-312-21637-8.

 

Share.

About Author

Ahlalbayt4iedereen

Wij zijn tot uw dienst! Deel deze informatie a.u.b. met uw vrienden en familie. Heeft u een vraag, opmerking of een klacht? Stuur ons via de contactformulier een email. Wij zullen het snel beantwoorden, Dank U!

Comments are closed.